CD recensies

Juli/Augustus 2012

 

Various: “Hed Kandi presents Serve Chilled: Electronic Summer” (Hed Kandi Records)

 Bron: 2-CD

Rubriek: 8/2012

 De “Serve Chilled” reeks van Hed Kandi blijkt al jaren één van de jaarlijkse hoogtepunten uit het drukke releaseschema van het label. Op deze 2012 editie, die twee disks beslaat, krijg je als luisteraar weer allerhande sfeermuziek op je afgevuurd. Muziek die qua samenhang zo nu en dan niets tot weinig met elkaar van doen heeft. Toch zorgt die ongeremde variatie niet voor een devaluatie van het totaalproduct. Op deze 2-CD vinden we onder andere het prachtige “All Those Moments” van de formatie Mooryc – een bruisende mix van pop met dromerige elektronica. Naast Mooryc’s highlight vinden we ook materiaal van Bonobo (geremixt door Lapalux), Arsenal (geremixt door Compuphonic), Shur-I-Kan, Julio Bashmore (met het briljante “Well Wishers”), Ben Westbeech, John Talabot, Joash (geremixt door Woolfy) en Joakim op deze release. Een release die niet de boeken in zal gaan als classic, maar (zoals vrijwel altijd bij Hed Kandi) als klinkende momentopname van smaakvolle sfeermuziek (in dit geval). Met veel aandacht voor moderne disco/boogie, maar ook beats, UK bass en allerhande downtempo/chill-out komen aan bod.

 

Score: 4/5

 

Various: “Hed Kandi - Ibiza 10 Years” (Hed Kandi Records)

 Bron: 3-CD

Rubriek: 8/2012

 Met deze 3-CD box blikt Hed Kandi terug op een periode van 10 jaar housemuziek. Dat doet men gekoppeld aan de uitgekauwde Ibiza themathiek. Wat Hed Kandi eigenlijk altijd goed doet is het samenstellen van fijne tracklists. Dat is namelijk ook hier weer het geval. De trackkeuze is weliswaar ietwat aan de commerciële en toegankelijke kant, maar er valt genoeg goede housemuziek te beluisteren op deze release. Denk daarbij aan muziek variërend van Avicii’s kraker “Levels” tot Eric Prydz’s “Pjanoo” en van Freemasons’ “Uninvited” tot Armand van Helden’s “My My My”. Op de drie schijfjes vinden we weinig tot geen matig opvulmateriaal en dat siert de samenstellers van het befaamde label. Daarom kunnen we wel stellen dat dit document een uitstekend souvenir is voor de Ibiza partyganger en muzikaal gezien overeind blijft, ondanks de commerciële ondertoon.

 

Score: 3/5

 

Joey Negro And The Sunburst Band: “The Secret Life Of Us” (Z Records)

Bron: CD

Rubriek: 8/2012

 Dit vierde studioalbum van Joey Negro And The Sunburst Band komt op het perfecte moment uit. Namelijk medio augustus te midden van prachtig zonnig zomerweer. Joey Negro, een alias van (house)veteraan Dave Lee, kennen we ook van zijn baanbrekende en succesvolle werk onder aliassen als Jakatta en Akabu. Met de Akabu-pet op bracht hij in het najaar van 2010 nog het fijne deep-house album “The Phuture Ain't What It Used To Be” uit via Z Records – Lee’s eigen label. Onder de werknaam Joey Negro And The Sunburst Band stelt Dave Lee (zoals bekend) invloeden uit de soul, funk, jazz, electro-boogie en disco centraal. Die ‘retro’ aanpak horen we ook terug op “The Secret Life Of Us”. Een vers werkstuk dat andermaal klinkt als een klok en opzichtig knipoogt naar de jaren ’70 en ’80 van de vorige eeuw. Dave Lee schreef in eerste instantie het bronmateriaal (keys en vocalen), waarna hij samen met de bandleden (muzikanten) de uiteindelijke stukken opnam in de studio. Opener “In The Thick Of It” klinkt als een vrolijke mengelmoes van de soulful jazzy house van Masters At Work met jazz-dance instituut Incognito. Het blijkt het startsein van een uitstekende reeks aan tracks. Vijftien in totaal. Vocaal gezien schakelde Dave Lee de hulp in van mensen als Pete Simpson (onder andere bekend van zijn werk met Domu), Angela Johnson en Diane Charlemagne. Juist, de Diane Charlemagne die je kent van de drum & bass/jungle klassieker “Inner City Life” van Goldie. Een vrouw met een dijk van een stem. Ook in 2012 overtuigt zij ruimschoots. Ze zingt mee op drie albumtracks en laat een onuitwisbare indruk achter. Vooral de op Chic-disco gebaseerde titeltrack “The Secret Life Of Us” springt er wat dat betreft positief uit. De genoemde onuitwisbare indruk laat het album overigens in de breedte niet achter, maar sterk is dit vierde Joey Negro And The Sunburst Band album zonder enkele twijfel. Het album heeft een (selecte) greep aan waanzinnig lekkere tracks te bieden. Kenners weten wat ze kunnen verwachten en worden niet teleurgesteld.

 

Score: 4/5

 

Zed Bias presents Yannah Valdevit: “Equilibrium” (Tru Thoughts)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012

 “Equilibrium” is het overtuigende solo debuutalbum van de Kroatische zangeres, songwriter, producer en pianist Yannah Valdevit. Samen met Zed Bias (aka Maddslinky) aan haar zijde als co-producer weet ze een aantrekkelijke mix van moderne beats, future jazz en veel melodie te brengen. Liefhebbers van future jazz en broken beats kennen Yannah Valdevit vooral van haar rol binnen Eddy Meets Yannah (samen met Eddy Ramich, ook bekend als Eddy & Dus). Een project dat drie albums voortbracht, die allemaal via het Duitse kwaliteitslabel Compost verschenen – met “Just Like…” uit 2005 als persoonlijke favoriet. Terug naar vandaag de dag. “Equilibrium” trapt af met de aanstekelijke single “Gotta Keep Me Goin’”, dat naast Yannah’s herkenbare stemgeluid ook gelijkenissen kent met het materiaal als Eddy Meets Yannah. Dat gevoel blijft vrijwel het gehele album intact. Yannah’s prachtige soundscapes, regelmatig met fraaie strijkers, slaan nergens de plank mis. Het enige verschil met Yannah’s eerdere werk is de upgrade van haar typische geluid naar UK bass, UK funky en moderne housebeats als basis. Maar nogmaals, gevoelsmatig sluit dit album naadloos aan op haar eerdere werk met Eddy Ramich. Leuk debuut als soloartieste. Tip: check de moderne (UK) housetrack “Wonderful Life”. Een track die je beet pakt, die je niet meer loslaat en die je simpelweg gehoord moet hebben! Release: 10 september 2012.

 

Score: 4/5

 

Jody Wisternoff: “Trails We Blaze” (Anjunadeep)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Jody Wisternoff, 50% van het befaamde duo Way Out West (samen met Nick Warren), bracht de afgelopen jaren als soloartiest diverse sterke singles uit. “Starstrings” uit 2007 maakte bijvoorbeeld diepe indruk – een ode aan Pet Metheny (Group). “Trails We Blaze” is Wisternoff’s debuutalbum in zijn solorol. Op het album vinden we een geluid dat nog altijd te omschrijven valt als progressive house, maar dan wel met een eigentijdse revisie. Wisternoff werkte op zijn debuut met diverse vocalisten: de ons onbekende Pete Josef en singer/songwriter Jonathan Mendelsohn. Het album bestaat voor circa 50% uit vocaal werk en daardoor ook voor 50% uit instrumentale bijdragen. Wie van warme, sfeerrijke geluidswolken houdt, komt tijdens dit album maximaal aan zijn/haar trekken. Tracks als “95” en “Red Stripes” trekken de aandacht en bieden aantrekkelijke melodielijnen/thema’s welke niet snel zullen gaan vervelen. Daarnaast heeft Wisternoff speciaal voor dit album zogeheten ‘reworks’ voor de tracks “Cold Drink, Hot Girl” (oorspronkelijk uit 2006) en het eerder benoemde “Starstrings” gefabriceerd. De resultaten stellen eigenlijk nergens teleur. Wie de producties van Way Out West op waarde kan/kon schatten, heeft met dit album een prima eigentijds antwoord in handen.

 

Score: 3/5

 

Andy Moor: “Zero Point One” (Armada Music)  

Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Andy Moor (Andrew Beardmore) kennen we als de oprichter van AVA Recordings en producer van onderscheidend sterke progressive-trance. Na ruim tien jaar enkel singles uitgebracht te hebben, blijkt “Zero Point One” ’s mans eerste volledige album. Een album met liefst achttien tracks op het menu. Wat heeft “Zero Point One” je als tranceliefhebber te bieden? Veel, zo kunnen we kort door de bocht concluderen. Zowel kwalitatief als kwantitatief dus. De prachtige sfeer uit het intro van openingstrack “Atmospherica” is precies hoe we het geluid van Chicane’s laatste album hadden verwacht. Waar Chicane’s marktwaarde met de jaren afgenomen lijkt, werkt Andy Moor zich moeiteloos naar de internationale trancetop. Op zijn debuutalbum werkt hij veelvuldig met vocalen. Een slimme zet, zo blijkt. Moor’s producties blijken stuk voor stuk van puntgave kwaliteit, waarbij de prachtige, soms bijna orkestraal klinkende sfeercreaties met regelmaat een duim omhoog teweeg brengt. Moor’s progressive-trance geluid bevat uiteraard ook die tegenwoordig zo bepalende injectie van electro, maar dat doet geen enkele afbreuk aan het totaalplaatje. Op het album vinden we overigens ook enkele downtempo creaties. Tracks die zeker niet beroerd klinken. Tranceproducers die zich aan downtempo wagen zijn in het verleden immers niet altijd even ‘succesvol’ gebleken (in die rol). Al met al is “Zero Point One” een uitermate lekker album geworden en doet ons soms terugdenken aan Ørjan Nilsen’s klinkende debuutalbum “In My Opinion” van juni 2011, welke eveneens via Armada verscheen.           

 

Score: 4/5

 

Various: “Drum & Bass Arena: Summer Selection 2012” (AEI Music)

 Bron: 2-CD

Rubriek: 8/2012  

"Drum & Bass Arena" is één van die lang lopende compilatiereeksen waarbij in de regel een belangrijk deel van de voorhoede van het drum & bass genre in de schijnwerpers wordt gezet. Zo ook op deze zomer 2012 editie/selectie. Verspreid over de twee disks vliegen wat dat betreft de bekende namen je om de oren. Onder de in totaal veertig tracks bevinden zich een aantal exclusieve bijdragen, wat de waarde van deze 2-CD release opdrijft. Wat heeft deze 2-CD zoal te bieden? Te beginnen met de opmerking dat dit compilatieconcept er primair op gericht is om een actueel beeld van de drum & bass sector te verwoorden. Niets mis mee, zo blijkt na beluistering van beide disks. CD1 trapt af met een prima remix voor het charts succes "Feel The Love" van Rudimental feat. John Newman. Fred D & Grafix hebben het herkenbare origineel met vocalen die doen denken aan Gnarls Barkley's Cee-Lo Green een geheel eigen gezicht gegeven. Na dit klinkende begin en een rits aan lekkere tracks komt het opvallende "Now It's Time" van Mind Vortex voorbij. Een track met een overtuigende mix van jazzy blazerakkoorden, soulful strijkers en een ietwat droge ritmiek. Later op CD1 horen we Fred D & Grafix nogmaals terug met de productie "Long Distance". Een track die catchy pianoklanken vermengd met strakke synths. Een track die loopt als soepele motor. Aan het eind van CD1 horen we het meeslepende "Talk To Me" van J Majik & Wickman vs Peshay. Juist, een nieuwe productie waarbij de geprezen drum & bass veteraan Paul Pesce (aka Peshay) betrokken is. Meteen ook de beste track op de eerste disk. Recentelijk hoorden we van de man zelf dat hij weer volop in de studio zit! Dat belooft wat. Peshay heeft immers een aantal fabuleuze albums voortgebracht, zoals het uit 1999 stammende "Miles From Home". Op CD2 wordt het constante niveau moeiteloos vastgehouden met prima werk door onder andere dBridge, DJ Marky & S.P.Y, Utah Jazz & Alex Reece (weer zo'n oude bekende) en Markus Intalex. Voorafgaand aan deze release had ik vrij weinig van de muzikale invulling verwacht, maar daar moet ik op terugkomen. "Drum & Bass Arena: Summer Selection 2012" deugt en overtuigd grotendeels. Er staan vrijwel geen uitglijders op deze 2-CD en daarom verdient de samensteller of verdienen de samenstellers een welgemeend compliment. Drum & bass als genre is nog altijd springlevend, zo blijkt maar weer eens. Naast de vele 'underground' releases bereiken anno 2012 diverse met pop doordrenkte, toegankelijke drum & bass producties de hitparades. Denk daarbij aan de eerder besproken hit van Rudimentel, maar ook DJ Fresh feat. Rita Ora's "Hot Right Now" geldt als voorbeeld. Een extra teken dat drum & bass aan zijn zoveelste jeugd begonnen is? Zonder twijfel. We kunnen iedere liefhebber van drum & bass en breakbeats aanraden deze "Drum & Bass Arena: Summer Selection 2012" te gaan beluisteren. Er valt genoeg te beleven op deze met melodie doordrenkte selectie vol warme toetsen/klanken. Verwacht dan ook vooral de meer toegankelijke drum & bass sounds. Met andere woorden: er is (vrijwel) geen aandacht voor de meer rauwe, bassline driven drum & bass variant met een venijnig kartelrandje – denk aan Noisia of Ed Rush & Optical.

 

Score: 4/5

 

LTJ Xperience: “I Don’t Want This Groove To Ever End” (IRMA Records)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

LTJ Xperience is de alias van Luca Trevisi. Zijn muziek kwam veelvuldig op de chill-out verzamelaars van het Italiaanse IRMA Records terecht. Denk daarbij aan het prachtige “Moon Beat” uit 1999 (van het gelijknamige album). Tegenwoordig blijkt Trevisi vooral een producer van funky discoloops. “I Don’t Want This Groove To Ever End” is, als we ons niet vergissen, de derde volwaardige LTJ Xperience langspeler. Het album telt negen eenvoudig opgezette tracks, waarbij repetitie van de loops het speerpunt lijkt. Onder het negental bevinden zich twee ‘unreleased tracks’. “Sound Machine” is een ingetogen track op laag tempo en een ronduit irritant thema. Niet bepaald een sterk begin van het album. Eigenlijk worden we pas bij de titeltrack “I Don’t Want This Groove To Ever End” in positieve zin wakker geschud. Het tweede deel van het album blijkt dan ook beduidend beter in vergelijking met het eerste kwartet aan tracks. Het allerbeste wordt tot het allerlaatste bewaard. Het niet eerder verschenen “Always In The Mood” blijkt de uitsmijter van het album. Die track zorgt voor de krappe 3/5 als eindscore.

 

Score: 3/5

 

Papik: “Music Inside” (La Douce/ IRMA Records)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Papik is een project van de in Rome (Italië) residerende Nerio Poggi. Als Papik bracht hij in 2009 het goed ontvangen debuutalbum “Rhythm Of Life” uit. In 2011 was hij als producer betrokken bij de albums van Ely Bruna en Fred Buccini – projecten boordevol covers. Ook op “Music Inside” staan een drietal covers, waaronder een swingende latin-jazz meets soul rework voor de track “Family Affair” (met Wendy D. Lewis) – origineel van R&B legende Mary J. Blige. De sound van Papik doet me sterk denken aan de latin-jazz muziek op het eveneens Italiaanse label Schema. De link met bijvoorbeeld Mario Biondi is snel gelegd. Bij het horen van een track als “Open Eyes” begrijp je die vergelijking direct. Papik laat met “Music Inside” horen dat moderne jazz met latin, bossa of easy listening (jazz lounge) insteek nog altijd ter zake doet. “Music Inside” zal niet de boeken ingaan als spektakelstuk, maar heeft genoeg lekkere momenten te bieden. Niets mis mee.

 

Score: 3/5

 

Christian Löffler: “A Forest” (Ki Records)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Christian Löffler is een naam die niet bij iedere liefhebber van elektronische muziek bekendheid geniet. De afgelopen vier tot vijf jaar bracht hij slechts een bescheiden serie aan singles uit, waarbij hij al eens samenwerkte met onze landgenoot Nuno Dos Santos. “A Forest”, Löffler’s debuutalbum, staat bol van de verfijnde techno en elektronica. Soms met een snuf glitch, dan weer meer naar folk neigend. Een belangrijke rol is weggelegd voor elementen uit de natuur – wooden sounds. Een vergelijking met Dominik Eulberg is snel gemaakt. De sferen zijn vaak melancholisch en ietwat dreigend (van tijd tot tijd). Startschot “A Forest” lijkt een uitgeklede techno rework voor de beroemde (gelijknamige) popclassic van The Cure. Het blijkt de perfecte introductie naar een aardige serie van tracks, die nergens voor opzienbarende, shockerende taferelen zorgt (lees: muzikale verrassingen), maar simpelweg lekker weg luistert. Enige minpunt: de vocale inbreng gedurende enkele tracks. Die hadden wat mij betreft weggelaten kunnen worden.

 

Score: 3/5

Cupp Cave : “Retina Waves” (Ramp Recordings)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Cupp Cave is de alias van Franz Baker. Volgens onze gegevens is “Retina Waves” zijn tweede volwaardige langspeler. Een langspeler waarop experimentele elektronica, techno, downtempo en neo-folk een pact hebben gesloten. Een langspeler met meeslepende soundscapes. Een langspeler met de track “Glimlach”. Zou de producer in kwestie een cursus Nederlandse taal gevolgd hebben? Cupp Cave laat op “Retina Waves” veelal korte, repetitieve loops horen en maakt veelvuldig gebruikt van zogeheten ‘limiter’ effecten. “Retina Waves” zal de boeken ingaan als een abstract, experimenteel album. Een creatieve smeltkroes van genoemde elementen/stijlen. Ramp Recordings heeft daar sowieso een patent op, maar dit album zou ook perfect passen binnen de catalogus van bijvoorbeeld Warp Records of Mush. Leuk voor liefhebbers van bijvoorbeeld Flying Lotus en (de early works) van Bibio. Flying Lotus zal overigens nog dit jaar met een nieuw album zal komen, zo lazen we recentelijk.

 

Score: 3/5

 

Robert Hood: “Motor: Nighttime World 3” (Music Man/N.E.W.S.)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Underground Resistance legende Robert Hood is terug met een nieuwe langspeler. Het betreft hier het derde hoofdstuk van zijn “Nighttime World” verhaal. In 1995 en 2000 verschenen respectievelijk delen één en twee onder die noemer. Fans hebben lang moeten wachten op dit vervolg, maar dat wachten wordt dan ook beloond. “Motor: Nighttime World 3” biedt bijna tachtig minuten aan (minimal) Detroit influenced techno, plus de nodige aanpalende housebeats, acid en experimenten (soms op downtempo). Geen album dat anno 2012 een diepe krater in het landschap der techno zal slaan, maar simpelweg vermaakt en bovengemiddeld sterk is. Robert Hood, een vakman van naam en faam, is gemiddeld gezien geen man van de complexe melodieën en harmonieuze vernuftigheid, maar meer van de effectiviteit en eenvoudigheid. Met die nuance weet Hood ook in 2012 nog altijd zijn fans en het technopubliek (in het algemeen) te bereiken.

 

Score: 3/5

 

Various: “KM5 Ibiza Volumen 12” (N.E.W.S.)

 Bron: 2-CD

Rubriek: 8/2012  

Café del Mar, Café Mambo, Bambuddha Grove en KM5 Ibiza: allemaal beroemde begrippen en zogeheten (pre)party 'hotspots' op het populaire Balearische eiland Ibiza, primair gericht op de complete loungebelevenis. KM5 Ibiza, gevestigd in de heuvels op zo'n 5 kilometer afstand van Ibiza-Stad, weet al jaren te overtuigen met vermakelijke mixcompilaties. KM5 Ibiza heeft wat dat betreft de afgelopen jaren een duidelijke voorsprong genomen ten opzichte van de ooit zo bejubelde "Café del Mar" verzamelreeks. Ook dit jaar brengen samenstellers Josch Genske en Sergi Ribas (van Deep Collective, tevens mixer van deze 2-CD) weer een uitgebalanceerde en bonte verzameling van downtempo/lounge, nouveau disco/boogie, funk en allerhande sfeermuziek voor de namiddag en smaakvolle, warme (deep)housebeats voor later op de avond en 's nachts bijeen. Het concept voelt al jaren aan als een carbondoorslag van de beroemde "Supperclub" reeks, maar dat zal de gemiddelde luisteraar een worst zijn. "KM5 Ibiza Volumen 12" heeft weer genoeg fijne ‘listening pearls’ te bieden om een koop te rechtvaardigen. Verwacht geen wereldschokkende noviteiten, maar een degelijke selectie van prettig in het gehoor liggende muziek. Muziek die ultiem tot zijn/haar recht komt wanneer je je ontspant op een relaxte sofa in de tuin van een beachbar/loungeclub, genietend van de zon en met een (koud) drankje in de hand. Voor deze 2012 editie zijn bijdragen van uiteenlopende namen als (een greep) Pitchben, Marbert Rocel, Crazy P, Charles Webster (geremixt door Willie Graff & Tuccillo), Ian Pooley & Matthias Vogt, Art Of Tones (aka Llorca) en DJ Pippi naar voren geschoven. Namen waarop je blind kunt vertrouwen. Door het ietwat onrustige verloop van CD1, waarbij veelvuldig van tempo en sfeer gewisseld wordt, willen we de fijne (deep)house mix, die CD2 te bieden heeft, uitroepen tot winnaar. Een mix met een hele rits aan warme clubtracks. CD2 eindigt met de verfijnde uitsmijter “Without Me” (in de Marcus Worgull Vocal / Dixon Edit) van Tevo Howard met Everything But The Girl zangeres Tracey Thorn (on vocals). De samenstellers hadden wat ons betreft ook recent werk van bijvoorbeeld John Daly en/of DeWalta mee mogen nemen. Producers die warme en broeierige muziek brengen die uitstekend binnen dit soort concepten zou passen. Met name John Daly strooide op zijn album "Sunburst" opzichtig met de Balearische sferen – luister eens naar het prachtige "Daybreak" van dat album (tip!). Slotsom, “KM5 Ibiza Volumen 12” is verplichte kost voor de ‘volgers’ van de compilatiereeks en sluit gemiddeld gezien naadloos aan op de kwaliteitsstandaard van eerdere edities.

 

Score: 3/5

 

Roberto Rodriguez: “Dawn” (Serenades)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

De naam Roberto Rodriguez deed ons in eerste instantie geen belletje rinkelen. Echter, met “Dawn” maakt deze uit Helsinki afkomstige Fin diepe indruk. “Dawn” puilt uit van de strakke deep-house, hier en daar opgesierd met classic house en ook disco invloeden – een sound van deze tijd dus. Het is maar goed dat deze Fin een tropische (artiesten)naam gebruikt, want de resultaten uit zijn studio zijn stuk voor stuk warm en associeer je in eerste instantie niet zo snel met Scandinavië. “Eternity” is een meeslepende deep-house track met retro feel. Zelfs het kenmerkende geluidje uit T99’s houseclassic “Anasthasia” zit voorzichtig verwerkt in dit meesterwerk. Met “I Believe In You” toont Rodriguez zich een uitstekend producer van eigentijdse disco. “Love Withdrawal” is een soepel rollende bijdrage met heerlijk pianothema, een zomers hoogstandje. “Saturn” klinkt als een opzichtige ode aan italo-disco koning Giorgio Morodor – lekker zweverig en met flirt naar sci-fi. En zo kunnen we nog wel even doorgaan met complimenten opschrijven. “Dawn” is een album met een bijna eng constant niveau. Een uitstekend visitekaartje waarmee Roberto Rodriguez zijn klasse onderstreept. Aanrader.

 

Score: 4/5

 

 

John Tejada: “The Predicting Machine” (Kompakt)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

John Tejada, woonachtig in Californië (US), wordt mondiaal gezien beschouwd als technoveteraan. Hij is al sinds medio jaren 90 actief. Als DJ/producer, maar ook als labeleigenaar van Palette Recordings. In de afgelopen 15 jaar+ bracht hij een baklading aan singles en albums uit. Ook werd hij door Fabric London naar voren geschoven om een mix te verzorgen voor de “Fabric” mix series – deel 44 (van januari 2009) om precies te zijn. En ook vandaag de dag is John Tejada nog altijd uiterst productief. Amper een jaar na het enerverende “Parabolas” album is John Tejada alweer terug met een vervolg. Een klinkend vervolg, zo blijkt. Op “Parabolas” gaf de doorgewinterde house/technoartiest Tejada een toch wel enigszins verrassende showcase van de meer gevarieerde elektronische muziek (lees: kijkend buiten de kaders van de techno). Een showcase vol diverse en vooral melodieuze techno, maar ook met aandacht voor doordacht geproduceerd, smaakvolle ‘spacey’ IDM/elektronica in allerlei nuances. De in Wenen (Oostenrijk) geboren technoman gaat op “The Predicting Machine” simpelweg door waar “Parabolas” ophield. Iets waar we stiekem ook op gehoopt hadden. Ook “The Predicting Machine” heeft weer een breed palet (hoe toepasselijk) aan elektronische tinten te bieden. Variërend van fijne house/techno tot meeslepende elektronica (breakbeats), beatless ambient en ga zo maar door. Openingstrack “Orbiter” blijkt een fenomenaal startschot, waarbij ruimtelijke (dubby) geluiden hun werk doen over soepele elektronica breakbeats. “A Familiar Mood” is een droge technotrack met retro feel, gefilterde en dubby synthesizers. Een track die veel (Detroit) technofans zal aanspreken. “An Ounce Of Perception” vervolgens is een eenvoudige roller die qua ritmiek doet denken aan T.Raumschmiere (denk aan “Monstertruckdriver”) en qua thema de sci-fi hoek ingaat, aangelengd met een vleug Plaid. In totaal biedt “The Predicting Machine” een tiental bijdragen die verre van voorspelbaar zijn. Vernieuwend? Nee, maar wel ijzersterk en zoals gezegd breed ingestoken qua elektronische (sub)genres. Een album om niet te missen. Let op: dit album zal op 10 september 2012 in de (digitale) winkelschappen liggen.

 

Score: 4/5

 

 

Fragile State: “Best Of… Fragile State” (i-Label)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Liefhebbers van de prachtige 'early works' van AIR, Zero 7, Blue States en ook Afterlife zullen uiterst gelukkig worden van deze 'best of' bundel rondom het duo alom geprezen duo Fragile State. Hun muziek kan nog altijd fungeren als de perfecte zomerse soundtrack van chill-out muziek. Fragile State is een project van Ben Mynott en Neil Cowley. Een werknaam waarmee ze twee essentiële downtempo albums op de markt zetten: "The Facts And The Dreams" uit 2002 en "Voices From The Dust Bowl" uit 2004 – beide via het Bar De Lune label. Albums die destijds op veel bijval van downtempo/leftfield DJ’s en de schrijvende pers konden rekenen. Met name Neil Cowley, die veelvuldig keys speelde in de live band van Zero 7, heeft een flinke staat van dienst opgebouwd. Keyboard/pianofenomeen Neil Cowley kennen we naast zijn rol binnen Fragile State (tevens oprichter) niet alleen als drijvende kracht achter zijn eigen (contemporary) jazztrio, Neil Cowley Trio, maar ook als soloproducer onder de alias Pretz. Als Pretz leverde hij in 2006 één van de fijnste cinematische downtempo albums van de jaren ’00 af, "Soundcastles" genaamd, met het onvergetelijke "Chapel Stile" op de tracklist. Veel mooier worden ze niet gemaakt! Het i-Label bracht vervolgens in het najaar van 2007 het 3-CD Fragile State document “Remixes/Classics” uit. Tegenwoordig een (duurzaam) collectors item, zo lezen we in de persinformatie. Het i-Label is ook weer de motor achter deze “Best Of… Fragile State” release. Dit conceptalbum zou je als downtempo kenner kunnen omschrijven als 'mosterd na de maaltijd', maar die mosterd smaakt zelfs ruim na de maaltijd nog altijd verrukkelijk! "Best Of… Fragile State" is niets meer of minder dan een greep uit het bewezen materiaal van de genoemde albums uit 2002 en 2004 – weliswaar geremastered. Albums waarop filmische downtempo klanken, lome jazz, prachtige melodramatische strijkers, verleidelijke mysterieuze klanken en rustig kabbelende ritmes (op de achtergrond) ruim baan krijgen, aangevuld met een subtiele hint van funk en wat world music invloeden. Een geluid dat emotie, liefde, muzikaliteit en rust uitstraalt. Muziek die perfect past (op de achtergrond) bij een intiem diner of in de tuin van een beachbar, maar ook een perfecte ambiance creëert bij thuisbeluistering, lui vanaf de sofa. Het niveau van Fragile State’s muzikale output is verdraaid constant, maar met name het tweeluik “Undercurrent” en “Overcurrent” weet nog altijd te verbazen (in positieve zin). Vooral het opzwepende slotakkoord “Overcurrent” is van ongekende schoonheid. De prachtige Fender Rhodes keys en soundpads worden gedragen door jazzy broken beats van de buitencategorie. Wat een topper! Ook al is het bronmateriaal van dit conceptalbum acht jaar en ouder, het zorgt nog altijd voor diezelfde bluffende uitwerking. Fragile State biedt je als luisteraar tijdloze sfeermuziek met een filmische en jazzy ondertoon die vermoedelijk over tien jaar nog altijd ter zake doet. Jammer dat het duo al enige tijd niet meer samenwerkt, want de uitrol van een (toekomstig) derde album zou absoluut geen straf zijn geweest. Mocht je dit album omarmen, probeer dan eens het eerder besproken “Soundcastles” album (uit 2006) onder Neil Cowley’s Pretz alias te scoren. Dat album sluit naadloos aan op deze Fragile State creaties. Release: 10 september 2012.

 

Score: 4/5

 

 

Various: “Watergate 11 - Solumun” (Watergate Records)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Mladen Solomun (aka Solomun) is de elfde samensteller/mixer van een “Watergate” compilatie. Een eervol klusje, want deze serie geniet een grote bekendheid binnen de house- en technosector. Als DJ/producer en medeoprichter van het Diynamic Music label heeft Solomun gaandeweg een grote staat van dienst opgebouwd. Diynamic Music bestaat inmiddels vijf jaar en brengt deze maand een jubileumcompilatie uit om dit feestelijke gegeven te vieren. Deze elfde “Watergate” mixcompilatie begint ietwat verrassend met wat funk en soul. Onder andere Lucy Pearl’s alom bekende “Don’t Mess With My Man” siert de tracklist. Daarna schakelt Solomun naar de verwachte housebeats. Dat doet hij met zijn eigen productie “Kackvogel” (wat?). Een funky housetrack die perfect past aan het begin van een (deep)houseset. Het blijkt de opmaat naar een mix die bol staat van de dansvloermuziek met een geïntegreerde dosis disco, boogie en funk, maar ook deep-house en tech-house te bieden heeft. “Watergate 11” valt uiteindelijk te typeren als verrassend en verfrissend. Deze editie valt niet te vergelijken met de sessies door eerdere samenstellers/mixers en dat is lovenswaardig. Met uiteenlopend materiaal van Vindahl, Dax Riders, Robag Wruhme, Gaelle, Superfunk, Mathew Jonson en Sascha Funke op de tracklist.

 

Score: 3/5

 

 

Various: “Compost Brazil Selection Volume 1 - Primavera” (Compost Records)

 Bron: Digital

Rubriek: 8/2012

 De digitale compilaties van Compost Records blijken keer en keer een vol schot in de roos. Ook deze door Tom Burclay samengestelde selectie van samba en bossa beats is weer dik in orde. Wat heeft de Compost catalogus toch een hoop fraaie releases voortgebracht sinds zijn oprichting. Voor “Compost Brazil Selection Volume 1 - Primavera” selecteerde Burclay sublieme bijdragen van onder andere Kyoto Jazz Massive, Pathless (2/6 van het oorspronkelijke Jazzanova), Minus 8, Rima (project van Domu en Volcov aka Isoul8), Trüby Trio, Fauna Flash en Eddy meets Yannah. Tijdens opener “Everything” van A Forest Mighty Black horen we de bossa loop die later ook door FLORiS werd ‘geleend’ voor zijn sample based productie “Almost” (met vocalen van Carmen). Fantastisch dat Tom Burclay ook de broken beats kraker “Walk This Step” van Steppah Huntah (geremixt door Seiji, bekend van Bugz In The Attic) geselecteerd is voor deze release. Eén ding is zeker, de brazilectro, broken beats en future jazz periode van Compost Records heeft de meest memorabele releases voortgebracht uit de geschiedenis van het label. Deze bundel gunt je een selecte greep uit al het moois uit die periode.

 

Score: 4/5

 

 

André Lodemann: “Fragments” (Best Works Records)

 Bron: 2-CD

Rubriek: 8/2012  

Dit album kwam voor ons toch wel als een aangename verrassing. Dat André Lodemann een man van warme (jazzy) deep-house sounds is wisten we al langer, maar op dit album onderscheidt hij zich van de massa. “Fragments” is uitgebracht als 2-CD album. Eigenlijk is het een album en remix album in één. Disk één biedt het originele “Fragments” album, disk twee een serie remixes die Lodemann vervaardigde voor uiteenlopende namen als Omar, Phonique, Prommer & Barck, Tracey Thorn (befaamd door Everything But The Girl), Joey Negro presents Akabu, Spirit Catcher en Alton Miller. Een mooie bonus, maar we zullen ons in deze review vooral beperken tot de eerste disk. Op het “Fragments” album werkt André Lodemann twee keer met (jazzy) female vocals (door Nathalie Claude) – een absolute meerwaarde. Tijdens “Going To The Core” werpt ze zich op als een soort Ursula Rucker, vanwege de spoken word/poëtische invloeden. Lodemann’s jazzy deep-house grooves weten de volledige speelduur geest en lichaam te prikkelen. Verfijnde, goed doordachte producties die stuk voor stuk raak zijn. Na beluistering van het album zijn we dan ook een beetje sprakeloos. Wat zitten de producties van deze man goed in elkaar; denken we hardop! “Fragments” is een indrukwekkende zegetocht van een producer die wat ons betreft zijn marktwaarde explosief heeft opgekrikt. Een album om zeker eens te gaan beluisteren. Zowel kwalitatief als kwantitatief dik in orde.

 

Score: 4/5

 

 

Sterac aka Steve Rachmad: “Secret Life Of Machines (Remastered & Remixed)” (100% Pure)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012

 De Nederlander Steve Rachmad (aka Sterac) wordt door velen gezien als één van de Europese godfathers van de Detroit techno. Rachmad draait al ruim 25 jaar mee in het muziekvak en zijn carrière kende tot op heden al vele hoogtepunten. Eén van die hoogtepunten is zonder twijfel het uit 1995 stammende “Secret Life Of Machines” album. Een album dat verscheen als eerste release op Dylan Hermelijn’s (aka 2000 and One) 100% Pure label. Onder de alias Sterac bleek dat album een belangrijke mijlpaal in de technogeschiedenis. Nu, zeventien jaar later, gaat het album in de herkansing en wel in drie fasen. Steve Rachmad vertelt over “Secret Life Of Machines”: “het is zonder twijfel één van de belangrijkste albums die ik heb uitgebracht. Dat wil zeggen, tot nu toe. Al het goede komt in drieën. Daarom hebben we besloten dit speciale project in drie fasen uit te brengen. Eerst een selectie van de originele nummers plus een paar hermixte en in tempo vertraagde originelen, dan op de dansvloer geïnspireerde remixes van mij en tot slot een super club class line-up van remixes”. Dit album mag dan wel een 'belangrijke' titel zijn voor de (Detroit) technofan, maar echt uitzinnig van enthousiasme wordt uw recensent er niet van. "Secret Machines Of Life" lijkt hier en daar ingehaald door de tijd en mist, in mijn beleving, een handvol exceptionele uitschieters. Mijn gemiddelde beeld over het album is zonder twijfel positief. Over de gehele linie scoort het album (nog altijd) ver bovengemiddeld. Het album voelt aan als een vakkundige prestatie met enkele aansprekende (Detroit) technoclassics. Ook productietechnisch gezien is het album dik in orde. Openings- en titeltrack “The Secret Machines Of Life” valt als een warme deken over je schouders. Een track met prettige, warme synthesizer lagen en een ietwat ingetogen ritmiek. Een track waarvoor je het album alleen al zou aanschaffen. “Astronotes” is nog zo’n perfect voorbeeld van Rachmad’s kennis en kunde. Een track die kabbelende ‘trancey’ keys (vol dub) verbindt met soepele technobeats. Andermaal een warm bad voor de technoliefhebber. Toch brengt het album niet dezelfde pure emotie teweeg als bijvoorbeeld Luke Slater's productie "The Secret Garden" uit 1993 – een track die we gemakshalve even naast de sound van dit album leggen. Zoals Steve Rachmad zelf al aangaf: rondom de heruitgave van dit classic technoalbum zal een flinke pluk aan remixes de wereld ingeslingerd worden. Remixes die ervoor gaan zorgen dat het oorspronkelijke materiaal een nieuwerwetsch, opgepoetst karakter krijgt. Hiervoor zijn techno iconen als Vince Watson, Samuel L Sessions, Heiko Laux, Marc Romboy, Joris Voorn, Ricardo Villalobos en 100% Pure labeleigenaar 2000 and One ingeschakeld. Eén ding is zeker, 100% Pure heeft met het heruitgeven van deze longplayer en de diverse remixes (zowel op vinyl als digitaal) een prima job gedaan. Mijn inschatting is dat de belangrijke internationale techno DJ's veelvuldig de eigentijdse herbewerkingen uit de speakers van clubs en festivalweides/tenten zullen laten schallen.

 

Score: 4/5

 

 

Various: “Fabric 65 - Matthias Tanzmann” (Fabric Records)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012  

Na de sterke mix door Guy Gerber is het aan Moon Harbour en Cargo Edition labelhoofd Matthias Tanzmann de eer om het nieuwste deel uit de Fabric reeks te verzorgen. Deel 65 bestaat uit dertien tracks: een mixsessie met een zorgvuldige opbouw en een flinke diepgang. Matthias Tanzmann over de mixsessie: “Fabric is one of the greatest clubs with one of the best sound systems in the world. Playing there to me is always a pleasure and honour and compiling a CD even more. In my mix I wanted to show music that touches me right now, and at the same time won’t be so popular that it will be out of fashion after this year. I would like the CD to be enjoyable for many years to come”. Tanzmann weet zonder twijfel een vermakelijke mix te presenteren, al is mijn inschatting dat deze release over een jaar lang en breed vergeten is. Dat heeft meer met de marktwerking van mixcompilaties te maken dan met de vakmanschap van Tanzmann. Die staat nergens ter discussie. Tijdens zijn mix horen we onder andere het in het oog en oor springende “Sources From The Past” van Monkey Maffia, een Freude Am Tanzen release. Een spannende track met onverwachte wendingen/geluiden. Maya Jane Coles’ “Not Listening” valt te typeren als soepele tech-house track, aangezwengeld door een stuwende garage-alike ritmiek. Datzelfde geldt voor Matthias Tanzmann’s “Konoa”, dat een lik jazz heeft meegekregen. Sowieso besteed Tanzmann hoorbaar veel aandacht aan het aspect percussie/tribals. Na dertien tracks kunnen we spreken van een mixsessie die ons niet op het puntje van de stoel krijgt, maar toch zeker deugt. Tanzmann’s mengelmoes van invloeden uit house, deep-house, (funky) tech-house en (enige vorm van) minimal zal vooral de doorgewinterde houseluisteraar aanspreken, zo is onze inschatting. Let op: deze release komt 20 augustus 2012 uit.

 

Score: 3/5

 

 

DeWalta: “Wander” (Haunt Music)

 Bron: CD

Rubriek: 8/2012

David Koch aka DeWalta heeft met "Wander" een veelzijdig debuutalbum afgeleverd. Een album waarop zijn voorliefde voor jazzy clubmuziek nergens onder stoelen of banken gestoken wordt. Zo'n vijf jaar geleden bracht DeWalta zijn eerste tracks/singles uit. Tussen 2007 en 2012 deed hij dat voor uiteenlopende labels als Vakant, Cynosure en Meander (waarvan hij mede eigenaar is). Zijn uit 2008 stammende productie "Salgaro" zou uiteindelijk terecht komen op de door Onur Özer samengestelde "Watergate 01" mixcompilatie (als openingstrack) – een uitstekend platform om als producer ‘ontdekt’ te worden. DeWalta's bescheiden discografie (kwantitatief gezien) bestaat voornamelijk uit tech-house werk, maar op debuutalbum "Wander" komen, zoals gezegd, ook 's mans jazz roots volop aan bod. Jazz roots? DeWalta genoot een jazzopleiding aan het conservatorium (Hans Eissler Music College) alvorens hij zich ging bezighouden met elektronische muziek. Het album “Wander” telt negen gevarieerde bijdragen en verschijnt via het Berlijnse Haunt Music. "Wander" leent zich niet alleen uitstekend voor thuisbeluistering, maar kan ook mee op de intieme dansvloer en/of in de moderne jazzclubprogrammering. DeWalta's geluid bevindt zich ergens in het midden tussen de clubjazz sound van rond 2000 (denk aan St. Germain en Llorca) en de muzikale techno van bijvoorbeeld Cobblestone Jazz. Inspirerende elektronische muziek met een vrij en experimenteel karakter zou je kunnen zeggen. Op "Wander" horen we veelvuldig het gebruik van prachtige warme Fender Rhodes keys, funky techno- en (deep) houseloops, maar ook afwijkende creaties die op downtempo en/of breakbeats gebaseerd zijn. Er is zelfs ruimte voor hip-hop! MC Joga doet zijn ding tijdens het fijne soulful en jazzy hip-hop moment "Barksdale (Movin On)", dat ons instrumentaal gezien doet denken aan muziek van Shur-I-Kan's essentiële debuutalbum "Advance" (medio 2001 verschenen via Jimpster's Freerange label). "Barksdale (Movin On)" kunnen we dan ook typeren als een prettige zijstap. Eveneens prettig zijn de clubjazz 'bombs' "Machine Soul" en "Right Here". Tracks die een divers (house)publiek zullen aanspreken. "Wander" bestaat dus uit een breed palet aan (elektronische) kleuren. De wat grauwe uitstraling van het artwork (CD hoes/cover) staat dus in schril contrast met de daadwerkelijke muzikale invulling op "Wander". Conclusie: DeWalta levert een uitstekende prestatie met zijn debuutalbum en zal zijn fanbase zonder twijfel (royaal) uitbreiden. Daarnaast zorgt "Wander" voor een prettige revival van de jazzy clubsounds van rond 2000. Een geluid dat ook anno 2012 fier overeind blijft. DeWalta's boekingen zullen de komende maanden zonder twijfel een oppepper krijgen. Met zo'n kleurrijk en klinkend debuutalbum verdien je die carrièreboost ook.

 

Score: 4/5

 

 

Various: “BT - Laptop Symphony” (Black Hole Recordings)

 Bron: 2-CD

Rubriek: 8/2012

 De muziek van Brian Transeau (BT) is al ruim vijftien jaar van toegevoegde waarde voor iedere toegewijde trance- en EDM liefhebber. Na twee gevarieerde albums voor Perfecto, brak BT in 1999 definitief door met het baanbrekende album "Movement In Still Life". Een album dat in Nederland verscheen via Tiësto's Black Hole Recordings met de instant klassiekers "Godspeed" en "Mercury And Solace" op de tracklist. BT toonde zich op zijn eerste twee albums, respectievelijk "Ima" uit 1995 en "ESCM" uit 1997, al een veelzijdig producer. Toen al bracht hij (early) trance in een veelvoud aan nuances, denk aan progressive (house en breakbeats), epic-house en zelfs op trance gebaseerde drum & bass. Beide albums hebben fraaie muziek te bieden, maar "Movement In Still Life" markeerde een periode waarin BT's sound volwassen werd. Zijn progressieve trance- en breakbeat geluid was destijds onderscheidend ten opzichte van 'de concurrentie'. Vooral op productietechnisch vlak bleek BT een absolute uitblinker. Na 2000 wist BT geen enkel album meer af te leveren dat kwalitatief gezien in de buurt kon komen van "Movement In Still Life", al was het "This Binary Universe" project uit 2006 een verrassing van formaat – combinatie van geluid en beeld. Op "This Binary Universe" toonde BT zich als een bekwame producer van elektronische sfeermuziek binnen de kaders van ambient, elektronica/IDM, glitch en downtempo. De vergelijking met materiaal op Trentemøller’s bekroonde “The Last Resort” album is ‘spot on’. Daarnaast vergaarde BT de nodige commerciële bekendheid door zijn vocale rol rondom Tiësto’s chart succes "Love Comes Again". Tot zover de feitjes. Na al die jaren blijkt "Laptop Symphony" BT's eerste mixcompilatie, zo lezen we met enige verbazing in de persinformatie. Het concept is gekoppeld aan zijn gelijknamige radioshow die sinds december 2011 loopt. Door de pers al beschreven als een uniek overzicht van ongenadig strak gemixte tracks die een perfect beeld geven van BT’s live shows onder dezelfde naam, is "Laptop Symphony" simpelweg een absolute must voor iedereen die serieus met EDM bezig is. CD1 is een grommende assemblage van rauwe dance, bijna gemene dubstep, electro en breakbeats; CD2 daarentegen is een typische BT selectie vol trance hits, geheel "re-imagined" voor de festival- en feestgangers van vandaag. Aldus de persbijlage. Hartstikke mooi allemaal, maar hoe klinkt BT's 2-CD debuut mixsessie voor de neutrale luisteraar? Redelijk tot goed, kunnen we wel stellen. Ondanks enkele grijsgedraaide herkenningspunten weet Transeau perfect de spanning te behouden met krachtig en ruig materiaal. CD1 opent met het puntige “Tomahawk” van BT & Adam K. Een track die we het beste kunnen omschrijven als een treffende mix van (vuige) electro-house en subtiele trance tinten. De eerste paar tracks op schijf nummer één hebben op het vlak van melodie hier en daar wat weg van Daft Punk’s muziek. Daarna pendelt Transeau tussen Skrillex-alike dubstep en soepele electro ‘with a bite’. Vanaf Figure’s “Zombies” krijgt het tempo een stevige oppepper richting het territorium van de drum & bass. Iets dat aan het einde van disk één weer ongedaan gemaakt wordt – tikkie terug in BPM’s. Na deze mix vol ongepolijste tracks, welke muzikaal gezien uitermate geschikt is voor (live) vertolking op de festivalpodia, is het fijn om te weten dat BT ook zijn trancefans in het zonnetje zet. Dit gebeurt logischerwijs op CD2. Ook op CD2 is er weer ruimte voor electro invloeden, hetzij wat meer op de achtergrond. Met het heerlijk zomerse “Beginnings” van Soundprank krijgt BT de luisteraar op het puntje van de stoel. Leuk ook dat BT’s midden jaren 90 klassieker "Flaming June" in een nieuw jasje gestoken is – door BT zelf overigens. Die rework mag aangemerkt worden als hoogtepunt en is de afsluiter van CD2. Enige uitglijder is wat ons betreft het volledig uitgemolken "Save The World" van Swedish House Mafia (nog dagelijks op Radio 538 te horen). Die track heeft in onze beleving niets te zoeken binnen dit concept. Om deze 2-CD compilatie te omschrijven als een symfonie, dat is flink overdreven. Echter, BT weet de luisteraar voor zich te winnen met een uitgebalanceerde trackkeuze, waarbij zijn enthousiasme hoorbaar doorklinkt. Deze 2-CD mixcompilatie is overigens absoluut geen hoogvlieger. We hebben ze beter gehoord.

 

Score: 3/5

 

 

 

Archief CD-recensies