CD recensies

September/Oktober 2012

 

Various: “FabricLive.66 - Daniel Avery” (Fabric Records)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

De Engelse DJ/producer Daniel Avery laat tijdens zijn mix voor Fabric London een tamelijk breed scala aan elektronische muziek de revue passeren. Zijn aanpak mag dan ook met recht ‘eclectisch’ genoemd worden. Gedurende de mix bemerken we invloeden uit de disco, acid, (retro) house, techno, electro, elektronica en ga zo maar door. Een breed scala aan muzikale kleuren, zoals dat heet. Daniel Avery over zijn mix voor Fabric: "it's rare to be able to take such risks in a club, especially at a time when anybody can mix together crowd-pleasing fodder on their laptop. That's not for me. I love weird records; that original, lawless spirit of acid house where the music is pulsing but will also throw in some mind-bending, psychedelic elements to knock you sideways and make you lose yourself within it. This mix is my take on that idea." En een zeker risico neemt Avery zeker. Deze mixsessie zal niet ieders’ kopje thee zijn. Met een flinke pluk aan eigen tracks (en interludes) showcased hij opzichtig zijn kwaliteiten als producer. Daarnaast is er plaats voor namen als Simian Mobile Disco, Miss Kittin, Compuphonic en Prins Thomas. Aan het eind van de mix komt er, niet geheel onverwachts, een track van Avery’s idool en supporter Andrew Weatherall (onder de projectnaam The Asphodells) voorbij. Beste bijdrage komt wat ons betreft van Simian Mobile Disco. Hun fraaie “Supermoon” vermengt techno, electro en acid met een opmerkelijk sfeervol thema, die je niet zo snel van Simian Mobile Disco verwacht. Een uitbundige track die veel mensen zal aanspreken. Na enig onderzoek blijkt “Supermoon” overigens een track op de Japanse uitgave van Simian Mobile Disco’s laatste studioalbum “Unpatterns” – noem het bonusmateriaal. “FabricLive.66” is gemiddeld genomen de moeite waard en heeft een tamelijk hoog vermakelijkheidsgehalte. Niets mis mee.

 

Score: 3/5

 

Various: “Armin van Buuren: Universal Religion Chapter Six” (Armada Music)

 Bron: 2-CD

Rubriek: 10/2012  

Deze recensie schrijven we enkele dagen na Armin van Buuren’s herverkiezing tot nummer één DJ ter wereld – naar aanleiding van de bekende jaarlijkse verkiezing door het invloedrijke DJ Mag. Een ongekend succes voor de sympathieke tranceambassadeur. Recentelijk verscheen ook het zesde deel uit zijn geliefde “Universal Religion” compilatiereeks. Waar Armin’s “A State Of Trance” mixcompilaties vooral een uithangbord voor zijn populaire radioshow is, zo zijn de “Universal Religion” titels eigenlijk niets meer of minder dan een fraai verpakte opname van Armin’s live prestaties als DJ. Het doel is dan ook om de luisteraar (min of meer) de sfeer die Armin live op het podium uitdraagt te laten (mee)proeven. “Universal Region Chapter Six” bestaat uit twee disks en tegelijkertijd twee delen. Het betreft twee DJ sessies die afgelopen zomer live opgenomen zijn in de Privilege op Ibiza (van 6 en 20 augustus om precies te zijn). Wat opvalt, is dat Armin live veel energieker oogt dan op zijn eerder genoemde “A State Of Trance” (CD) selecties. De mengelmoes van instrumentaal en vocaal werk is ongewijzigd, maar Armin schiet de ene na de andere messcherpe tranceparel op zijn publiek af, zonder te verzanden in trance die aanvoelt als chill-out of pre-party muziek. Op de tracklist vinden we bekende namen als Alex M.O.R.P.H., Andy Duguid, Solarstone with Aly & Fila, Ørjan Nilsen, Andy Moor en meer usual suspects. Toch is het niet één grote Armada Music show. Gelukkig koos Armin ook voor muziek buiten zijn indrukwekkende scala aan platenlabels. Andy Duguid’s “I Want To Believe” is wat mij betreft een vroeg hoogtepunt dat een ongekende ritmische stuwing veroorzaakt. Heerlijke track. Over het totaalplaatje kunnen we kort zijn. “Universal Religion Chapter Six” is voor trancebegrippen dik in orde. Verwacht echter geen vernieuwende muziek, maar meer van hetzelfde. Met Armin van Buuren’s achter de knoppen lijkt succes verzekerd. Let op: binnenkort komt er ook weer een “A State Of Trance Classics” bundel uit (de zevende inmiddels).

 

Score: 3/5

 

Bambounou: “Orbiting” (50 Weapons)  

Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

“Orbiting” is de debuut langspeler van Bambounou, een alias van de jonge Fransman Jéremy Guindo. Tussen 2010 en nu bracht hij slechts een bescheiden aantal releases uit, maar Modeselektor’s 50 Weapons label (sublabel van Monkeytown Records) erkende Bambounou’s talent en gunt hem na de “Cobe EP” van augustus dit jaar een volwaardige album release. Van die “Cobe EP” is alleen de diepe undergroundtrack “Mass” meegenomen op “Orbiting”. “Orbiting” is een album dat zich muzikaal gezien grotendeels afspeelt binnen de marges van dubstep/UK bass en techno (plus subtiele mengvormen). Geen combinatie die we voor het eerst horen, maar Bambounou weet er zijn geheel eigen draai aan te geven. Zo valt een track als “Challenger” op vanwege de boogie invloeden en beland je tijdens “Capsule Process” tussen ietwat ‘annoying’ acid invloeden en prachtige synthpads – hoe contrasterend! “Orbiting” overtuigt als langspeler, maar weet mij persoonlijk niet voldoende te prikkelen. Daarvoor is het album in mijn beleving iets te inconsistent. Desalniettemin, goed gescout van het 50 Weapons label. Release: 23 november 2012.

 

Score: 3/5

 

Redshape: “Square” (Running Back)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Wat is dat toch met gemaskerde karakters? Naast Dr. Lektroluv toont ook de technoartiest Redshape zich graag gemaskerd op het podium. Redshape is een project van de Duitser Sebastian Kramer. In het najaar van 2009 bespraken we al eens “The Dance Paradox”, Redshape’s debuutalbum dat verscheen via Delsin. “Square” is zijn tweede volwaardige langspeler en staat boordevol broeierige techno, elektronica en (beatloze) ambient. Soms hebben we het idee dat we naar werk van The Black Dog zitten te luisteren, of naar oude Detroit techno (vanuit de 90’s). Op “Square” gaat Redshape onder andere een ‘duet’ aan met de van Kode9 en het Hyperdub label bekende The Spaceape. Het resultaat is echter standaard, oppervlakkig en niet overtuigend te noemen. Dat gevoel overheerst overigens gedurende de volledige speelduur van het album. Gedurende het album passeren diverse mooie sfeerrijke momenten, zoals het beatloze “Departing” – een soort interlude van nog geen 2 minuten. Echter, gemiddeld gezien valt “Square” ietwat tegen ten opzichte van de geprezen voorganger. “The Dance Paradox” werd niet voor niets door DJ Broadcast Magazine geselecteerd voor hun top 100 lijst van ‘beste’ albums van de jaren ’00. Die eer zal “Square” in dit nieuwe decennium zeker niet opeisen, zo is onze verwachting. Al met al een leuk album om te proberen, maar geen spektakelstuk in onze beleving.

 

Score: 3/5

 

Michael Mayer: “Mantasy” (Kompakt Schallplatten)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Kompakt (mede)oprichter Michael Mayer heeft met “Mantasy” een fraai vervolg gegeven op zijn debuutalbum uit 2004, “Touch” genaamd. Voor Resident Advisor liet Mayer het volgende optekenen: "Mantasy clearly reflects the gazillions of sounds I'm listening to in private, especially my love for soundtracks or soundtrack-like music." Kortom, verwacht een mengelmoes van techno, (tech) house, nouveau disco, ambient en (folky) elektronica, overgoten met een flinke filmische saus (veelal sci-fi sferen). Muziek die naadloos aansluit op de toch al zo brede muzikale koers van het uit Keulen afkomstige label. Toch laat “Mantasy” zich maar moeilijk vergelijken. Michael Mayer is vooral zichzelf en dat is veel waard. “Mantasy” staat boordevol prima tracks en kakt eigenlijk geen enkel moment in. Zelfs de introverte sfeercollages weten de aandacht maximaal op te eisen. Openingstrack “Sully” doet me enigszins denken aan Klimek, al is die vergelijk zeker niet ‘spot on’. “Lamusetwa” is een futuristische trip met fijn pompende downtempo breakbeat – prachtige thematiek! Titeltrack “Mantasy” en “Voigt Kampff Test” vallen te typeren als retro-futurische parels. En zo heeft “Mantasy” nog een hele rits aan prettige tracks te bieden. We hebben begrepen dat er dit jaar geen “Pop Ambient” compilatie verschijnt vanuit de Kompakt stal, maar dit album, waarop enkele opmerkelijke rustmomenten te horen zijn, kan prima fungeren als ‘stand in’.

 

Score: 4/5

 

Various: “Kern Vol. 1 - Mixed By DJ Deep” (Tresor Records)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

De Franse DJ/producer Cyril Etienne des Rosaies aka DJ Deep heeft als samensteller/mixer van CD compilaties al een flinke staat van dienst opgebouwd. In het verleden dook zijn naam vaak op rondom het Distance label, maar de jongere generatie clubbers zal hem vooral kennen van zijn Deeply Rooted House label en zijn “City To City” mixreeks voor BBE Records. Een reeks die inmiddels drie edities telt. Het Berlijnse Tresor vroeg DJ Deep voor deze nieuwe mixklus. “Kern Vol. 1” is een spectaculaire mixsessie geworden waarbij treffend een brug wordt gebouwd tussen oud en nieuw, house en techno enzovoorts. Met invloeden vanuit de Detroit techno, NYC en Chicago house, acid en ga zo maar door. DJ Deep over zijn nieuwste mixcompilatie: “as I was struggling to find an order through all the great material on the Tresor catalogue or what my label currently does, I came up with this idea of a DJ’s diary – like the picture of a guy writing down in his notebook which new and classic tracks would be relevant today. I kept this concept in mind when making my selection, which really helped me to simply follow my feelings and the flow of the music.Met klinkende namen als Kerri Chandler, Juan Atkins, Armando, Jeff Mills, DJ Gregory, Ben Klock en The Traveller (aka Shed) op de tracklist kun je er zeker van zijn dat het met de kwaliteit wel snor zit. Persoonlijk ben ik vooral erg te spreken over de mengvorm van oud en nieuw gedurende de mix. Alsof je muzikaal gezien meegenomen wordt op een reis langs de 80’s en 90’s tot aan het hier en nu. Check ook die fabuleuze garage-alike kraker van Rootstrax “Harlequin” – een vroeg hoogtepunt van deze mixsessie. Deze titel zal 12 november 2012 in de (digitale) schappen liggen.

 

Score: 3/5

 

Shed: “The Killer” (50 Weapons)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Shed (René Pawlowitz) kennen we al jarenlang als fabrikant van enerverende, afwijkende techno en gelieerde elektronische nuances (waaronder ambient en allerhande breakbeats). Zo dook hij ooit op als remixer voor Peverelist’s “Junktion” (op Tectonic). Met een indrukwekkende mix van dubstep en Detroit techno blies Shed het origineel zo’n beetje van de kaart. In de zomer van 2010 bracht hij nog het overtuigende album “The Traveller” uit via Ostgut Ton. Shed’s nieuwste wapenfeit heet “The Killer” en verschijnt via Monkeytown Records’ sublabel 50 Weapons. Op “The Killer” is Pawlowitz weer ouderwets op dreef. Hij lijkt een gave te hebben om diepgaande, avontuurlijk techno in elkaar te knutselen die nogal afwijkt van de geijkte sounds. De ietwat grauwe, industriële uitstraling van het artwork voel je ook duidelijk terug komen in de muziek. Niets mis mee. Het kan nu eenmaal niet altijd dag/licht zijn. Op “The Killer” is het overwegend nacht. “The Killer ”biedt precies drie kwartier vertier voor technopuristen en avonturiers. De elf tracks op het album doen individueel gezien weinig voor elkaar onder. Lang verhaal kort, Shed scoort wederom de punten met zijn experimentele insteek. Experimenten die niet doorslaan en de luisterfactor in gevaar brengen. Hoogtepunt is wat mij betreft “Phototype” dat met zijn galmende breakbeat en ambient geluidswolken sterk doet denken aan oud werk van The Aphex Twin. Sterk album!

 

Score: 4/5

 

Newban: “Newban & Newban 2” (BBE Records/Guinness Records)  

Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

BBE Records is al jaren een bepalende speler op het vlak van compilaties vol obscure (bijna) vergeten muziek. De naam Newban zal dan ook bij weinig mensen een belletje doen rinkelen. In 1977 bracht deze formatie, later ook bekend als Atlantic Starr, een tweetal albums uit via Guinness Records – “Newban” en “Newban 2”. Deze twee albums zijn voor dit project gebundeld en aangevuld met enkele bonustracks. Bovendien is al het materiaal ‘remastered from the original tapes’. Newban staat voor heavy funk, raw soul en spiritual jazz & grooves. Een fusion geluid dat kenmerkend is voor de jaren 70 en later veelvuldig hergebruikt zou worden in moderne jazz, broken beat enzovoorts. Denk daarbij aan de muziek van bijvoorbeeld (we noemen een) Jazzanova, Incognito of Kyoto Jazz Massive. Of Newban een inspiratie voor genoemde (eigentijdse) toppers is geweest (of nogal altijd is), is onbekend. Deze Newban bundel betekend voor uw recensent een welkome en vooral onverwachte titel. Muziek die hier nog niet eerder op de radar verscheen. Aanrader en vooral een goed initiatief van BBE Records om Newban’s materiaal in de herkansing te gooien.

 

Score: 4/5

 

Various: “Fabric 66 - Ben Klock” (Fabric Records)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

De in Berlijn residerende Ben Klock is al ruim tien jaar actief binnen de mondiale technoscene. In 2009 verscheen zijn debuutalbum “One” via Ostgut Ton. Een plaat met een abstracte (minimal) technosound. Van die plaat is ons gek genoeg het duistere dubstep experiment “Gold Rush” het meest bijgebleven. Het is nu 2012 en op Ben Klock laat als samensteller van deze nieuwste “Fabric” mixcompilatie een opvallend stevig geluid horen. Pompende (funky) techno wel te verstaan. Het soort techno, met geregelde knipoog naar Detroit, dat vlak voor de intrede van de minimal trend gemeengoed was – denk aan de periode voor (pak ‘m beet) 2004-2005. Als samensteller/mixer heeft Ben Klock al de nodige ervaring opgedaan. Zo was hij in het verleden verantwoordelijk voor de “Berghain 04” compilatie. Gelijk ook één van de beste edities uit de serie. Op “Fabric 66” treffen we een Ben Klock in prima vorm aan. Zijn stuwende beats zijn primair voor de dansvloer bedoeld, maar bieden zo nu en dan ook de nodige melodieuze momenten. Op de tracklist vinden we uiteenlopende namen als Burial, Marcel Dettman, D-Nox, Steve Rachmad, Floorplan (aka Robert Hood), Technasia en Planetary Assault Systems (aka Luke Slater). Uiteraard ontbreken enkele eigen werken en/of remixes niet op de tracklist. Ben Klock laat met deze mix voor Fabric London in ieder geval een prima indruk achter en grijpt wat ons betreft, zoals eerder gezegd, terug naar de techno van net na 2000 tot de invasie van de minimal een feit werd. Wellicht gaat die sound weer helemaal terugkomen. Wie zal het zeggen?

 

Score: 3/5

 

Various: “FabricLive.65 - DJ Hazard” (Fabric Records)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Fabric London heeft de afgelopen periode (lees: tussen 2010 en nu) binnen de “FabricLive” serie regelmatig (key) players vanuit de drum & bass sector aan het woord gelaten, getuige de sessies door Goldie, Kasra en DJ Marky. DJ Hazard is de volgende samensteller en mixer die het drum & bass genre centraal stelt. Een prima keuze, zo blijkt. De uit Birmingham (UK) afkomstige Scott Molloy, zoals DJ Hazard echt heet, draait al sinds eind jaren ’90 mee binnen de drum & bass scene, maar deed me persoonlijk geen belletje rinkelen. Da’s zonde, want met deze mix van net meer dan een uur weet hij een blijvende indruk achter te laten – een positieve. DJ Hazard aan het woord over zijn mixsessie: "I wanted the mix to represent how I play in a club; I also wanted the mix to have a live feel to it so the mix was done in one take so that any mistakes could be heard; just two CDJ’s, a mixer and plenty of coffee. I tried to use as many new producers as possible and I also tried to get as much exclusive unreleased music as I could to try and make the CD as fresh as possible." DJ Hazard is een man van het snelle doormixen, waardoor het kan gebeuren dat deze mixsessie liefst vijftig tracks omvat. Dit resulteert automatisch in korte soundclips van de producties. Kortom, de vaart blijft er voortdurend in. Opener “Never The Same” van DJ Hazard zelf blijkt het ultieme startschot van een flitsende mixsessie. “Never The Same” combineert nog het beste van subtiliteit en power, maar het overgrote gedeelte van het materiaal op deze disk bestaat uit spierballenmuziek vol grommende en bijtende baslijnen. Een vergelijk met het legendarische duo Ed Rush & Optical is snel gemaakt, wat niet zo vreemd is met namen als Noisia en Phace & Misanthrop op de tracklist. De contouren tekenen zich al snel af. Slechts zelden gooit DJ Hazard er wat sferische tinten in, maar wanneer hij dat wel doet blijkt het een verrijking voor zijn mix. Ray Keith’s “Deeper Love” is een mooi voorbeeld van die sporadische, meer verfijnde geluiden. Een track met een opvallend retro geluid vol soul, terwijl deze productie volgens onze informatie toch echt uit 2012 stamt. Wellicht een productie die al jaren op de plank lag te verstoffen. DJ Hazard’s eigen bijdragen vallen vooral positief op door de creatieve programmering van de uptempo breakbeats. Een gave die ervoor zorgt dat hij zich weet te onderscheiden van zijn collegae, zo blijkt. Niet dat iedere DJ Hazard productie grensverleggend afwijkt van de gemiddelde standaard, maar je hoort duidelijk dat hij in diverse producties net even dat stukje extra aandacht aan het facet drumprogrammering heeft besteed. Over de gehele breedte genomen is deze mix een waardevolle titel, die primair voor liefhebbers van rauwe drum & bass sounds hout snijdt. Niet iedere track tussen de vijftig bijdragen scoort een voldoende, maar gemiddeld gezien boeit en deugt deze sessie.

 

Score: 3/5

 

Wrongtom Meets Deemas J: “In East London ” (Tru Thoughts)

Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Met Wrongtom Meets Deemas J heeft Tru Thoughts een (toch wel) verrassend reggae/dub duo getekend. Het tweetal heeft een overtuigend album weten te smeden, dat de markt op gaat met de werktitel “In East London”. DJ en producer Wrongtom ken je wellicht nog van zijn samenwerking/album met Roots Manuva. We doelen dan op het uit 2010 stammende “Duppy Writer”, dat via Ninja Tune’s sublabel Big Dada verscheen. MC Deemas J vervult de dankbare vocale rol. De muziek op “In East London” blijkt een hommage aan de gelieerde cultuur en het geluid uit de 80’s, waaraan het duo destijds verslingerd raakte. “In East London” biedt naast reggae en dub ook wat invloeden uit de dancehall stijl. Die combinatie komt duidelijk naar voren tijdens de treffende titel “At The Dancehall”. Een track met sterk en ingewikkeld vocaal werk. De snelheid en timing van de gekozen woorden drijven de waarde van de beats, keys en baslijn combinatie verder op. En zo heeft “In East London” nog een hele rits aan prettige bijdragen te bieden. Zelfs als je geen uitgesproken reggae/dub of dancehall liefhebber bent is dit album het checken waard. De thema’s zijn aanstekelijk en daarnaast gebeurt er vocaal en ritmisch continu wat. Conclusie: verrassend lekker album met diepe, verse en ‘bouncing’ vibes! Release: 24 september 2012.

 

Score: 4/5

 

Various: “Pure Salinas - Lounge & Deep House Edition Vol. 4” (Clubstar)

 Bron: 2-CD

Rubriek: 10/2012  

Multi-talent Bruno From Ibiza was resident DJ van Café del Mar (Ibiza) voor een periode van liefst acht jaar. Vandaag de dag is hij nog altijd uiterst actief als DJ en draait hij sets in/bij exclusieve locaties als Atzaro, Ocean Drive en Blue Marlin. De compilaties van Bruno From Ibiza zijn al jaren een lust voor het oor. In de loop der jaren heeft hij al meer dan twintig compilaties muzikaal ingevuld en bracht hij een tweetal artiestenalbums uit. Bezig baasje dus. “Pure Salinas - Lounge & Deep House Edition Vol. 4” is weinig verrassend, maar wel erg lekker om te luisteren. De term lounge is wellicht ietwat misplaatst. We horen vooral zonnige nouveau disco en warme deep-house op deze twee disks. Bruno From Ibiza blijft een uitstekende keuzeheer en selecteerde voor deze compilatie materiaal van namen als Phonique, Crazy P, John Gazoo en Space Ranger. Laten we er één track specifiek uitlichten: de slow motion openingstrack van Quintus Project is van een grootse schoonheid. Een Balearische nouveau disco parel! Deze release biedt net dat stukje extra ten opzichte van de recentelijk verschenen nieuwste editie van “KM5 Ibiza”. Dat stukje extra komt door de samensteller in kwestie. Andermaal een compliment voor zijn smaakvolle muziekkeuze.

 

Score: 4/5

 

Adani & Wolf: “Electric Dandy” (Adani & Wolf Recordings)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Adani & Wolf, het producerduo Rob Gaasterland en Daniël Testas, hebben precies twee jaar de tijd nodig gehad om met een nieuw album te komen. “Electric Dandy” volgt op de uitgebalanceerde voorganger “Into The Outback” – CD in vederlichte verpakking. Een album waarop Adani & Wolf wat ons betreft de vorm hervonden. De vorm die ze eerder hadden getoond op hun albums voor Therapy Recordings – ook onder de noemer Project 2000. Hoe klinkt “Electric Dandy” dan? Daarvoor vermelden we een treffende passage uit de persinformatie in deze recensie: Adani & Wolf slaan met de CD “Electric Dandy” een brug tussen toekomst en verleden. Op hun nieuwste studio- album nemen de Amsterdamse Electric Dandies de luisteraar mee op een retro futuro trip langs orkestrale psychedelica, space-age exotica en intergalactic downtempo beats. In deze muzikale tijdmachine worden invloeden van Bacharach tot Barrett tot Bowie verweven tot een eigentijds exotisch universum. Een kleurrijk gezelschap medereizigers zoals saxofonist Benjamin Herman en de New Yorkse, Andalusische zangeres Suzette Moncrief vergezellen Adani & Wolf op hun kosmische reis. Aldus de persinformatie. Klinkt spannend en dat is de muziek van het duo ook nog altijd! De bijdragen klinken smaakvol als altijd en zijn als een klevende massa: de muziek heeft een klevende werking en laat niet meer los. Favoriete track: “The Oxford Hustle” dat op het eerste gehoor moderne (funky) disco, downtempo en wat Braziliaanse tinten vermengt. Heel mooi. Het is slecht één van de vele sterke tracks op dit album. Gevoelsmatig is dit album misschien wel de beste die ze ooit gemaakt hebben. Een track als het filmische “The Sign And The Seal”, een torenhoge persoonlijke favoriet van uw recensent, hebben ze weliswaar nooit meer gemaakt, maar op “Electric Dandy” zetten de heren een dermate fijne sfeer neer dat hun geprezen debuutalbum “Les Seigneurs” uit 2003 benaderd en wellicht zelfs overtroffen wordt. Aanrader!

 

Score: 4/5

 

Hidden Orchestra: “Archipelago” (Tru Thoughts)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012

 Na het daverende succes rondom Hidden Orchestra’s eigenzinnige debuutalbum “Night Walks” hebben fans en liefhebbers exact twee jaar moeten wachten op een passend vervolg. Dat vervolg heet “Archipelago”. Een album waarop frontman Joe Acheson en zijn mannen doorpakken op de voorganger en hun baanbrekende geluid opnieuw aan de wereld tonen. Hidden Orchestra, dat voorheen bekend stond als Joe Acheson Quartet, bestaat naast Joe Archeson uit pianist Poppy Ackroyd, aangevuld met de drummers Tim Lane en Jamie Graham. Samen bieden ze een unieke mix van filmische sfeercollages, prachtige harmonieuze klankentapijten (flirt met cinematische jazz en zelfs moderne klassieke muziek), prettige drumbeats (soms trip-hop alike) en de nodige experimentele elementen (toevoeging found sounds/samples en het gebruik een flinke berg aan diverse instrumenten). De tracks op “Archipelago” zijn andermaal zorgvuldig opgebouwd en leiden je stap voor stap naar een muzikale climax of juist naar een verrassend moment van rust en orde. Opbouw is alles, zo blijkt. “Archipelago” is gemaakt door klassiek geschoolde muzikanten en dan kun je horen ook. De kwaliteit van iedere track is ronduit indrukwekkend en het album groeit met iedere luisterbeurt. Na de opwarmende “Flight EP” (single) met de fabuleuze titeltrack en de Floex remix voor “Dust”, is “Archipelago” een waanzinnig spektakelstuk van verfijnde muziek geworden. Een aanwinst voor iedere liefhebber van moderne elektronische muziek, jazz en zelfs klassieke muziek. Een album dat ongetwijfeld in de jaarlijstjes van (toonaangevende) prominenten uit de muzieksector zal geraken. Werden er maar meer van dit soort prachtige albums uitgebracht. “Archipelago” is minstens zo goed als het debuutalbum “Night Walks” en kan uitgroeien tot album van het jaar. Dit is voer voor de meer avontuurlijk ingestelde liefhebber van elektronische muziek. Op alle fronten een instant klassieker, die bij mij hetzelfde gevoel teweeg brengt als ten tijde van de release van 4hero’s “Two Pages” in 1998. Ronduit sensationeel.

Release: 1 oktober 2012.

 

Score: 5/5

 

Shawn Lee: “Synthesizers In Space” (ESL Music)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Shawn Lee is iemand dat kan terugvallen op een uitgebreide discografie. Hij debuteerde ooit medio jaren ’90 op het befaamde Talkin’ Loud label met het album “Discomfort”. In de jaren daarna bracht hij het grootste gedeelte van zijn releases uit via Ubiquity Records. Echter, in 2011 verscheen er ineens een album van het duo AM & Shawn Lee via ESL Music (voluit Eighteenth Street Lounge Music), het label van de mannen van Thievery Corporation. Ook Shawn Lee’s nieuwste werkstuk, “Synthesizers In Space” genaamd, verschijnt op het uit Washington DC afkomstige ESL Music. “Synthesizers In Space” valt op vanwege het experimentele karakter. De kundig geprogrammeerde beats verwijzen primair naar de funk en hip-hop. De  percussie/tribals zorgen voor een exotische tint. Daarnaast bemerken we een eigentijdse vertaling van 70’s soundtrack muziek – zet het soepel rollende funkfestijn “Galactica” of het afsluitende “Tiger Style” eens op en je begrijpt wat we bedoelen. De beats hebben opzettelijk een brakke lo-fi touch meegekregen. Het mag de pret niet drukken. “Synthesizers In Space” mag dan wel een korte speelduur hebben, maar binnen de elf tracks gebeurt genoeg om je als luisteraar te vermaken. “Black Hole” is wellicht de beste individuele track die het album te bieden heeft. Deze track biedt funk, hip-hop en (hoe kan het ook anders) spacey synthesizer partijen. In zijn algemeenheid klinken Shawn Lee’s producties verrassend anders en is er weinig om aan vast te houden. Dat is knap. “Synthesizers In Space” is een mooi album vol ‘psychedelic grooves’ om te ontdekken.

 

Score: 4/5

 

Various: “Dubstep Allstars: Vol.09 - Mixed By Silkie & Quest” (Tempa)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Deze titel op het befaamde Tempa label kwam ietwat verlaat op ons/mijn pad. Echter, na beluistering van deze titel konden we een verlate review niet achterwege laten. De doorgewinterde dubstep/UK bass watcher zal vermoedelijk primair de schouders ophalen bij weer een editie uit de “Dubstep Allstars” serie. Maar, dat is ietwat voorbarig. Deel negen uit de serie sprankelt namelijk van de positieve energie en biedt een breed scala aan elektronische nuances. Daarover later meer. Het Britse Tempa label, dat met artiesten als Skream en Benga een belangrijk aandeel had in de groei en bloei van de dubstep/UK bass, scoort met deze nieuwste “Dubstep Allstars” niet zozeer een dikke voldoende wat betreft originaliteit, maar doet dat wel met de muzikale invulling. Met dank aan Silkie (Soloman Rose) en Quest (Darren Leon Henry), die beide meerdere eigen tracks naar voren schoven voor deze mix. 100% terecht ook, want het werk van beide heren blijkt essentieel. Na het retro futuristische “Superhero” van Swindle wordt je direct opgezogen in de fijne sound van Silkie’s “Lucky”. Een track met soepel wiebelende ritmiek, dito basslines en een gelaagde melodielijn die je aandacht permanent opeist. Wat opvalt, is dat er tijdens de mix naast de als bekend te veronderstellen dubstep/UK bass invloeden ook een prominente rol wordt opgeëist door oldskool breakbeats en rave/early hardcore synthesizers – Swindle’s “Belfast” is een belangrijke getuige. Ook wordt er zo nu en dan opzichtig geflirt met 90’s (speed)garage en gerelateerde 2-step (breakbeat garage) – Silkie’s “Get Up & Dance” en de R&B’ish herinterpretatie door Silkie voor Katy B’s “Witches Brew” blijken mooie voorbeelden daarvan. Al die kruiden zitten subtiel en minder subtiel verpakt in een aantal van de liefst vierentwintig bijdragen die deze mix telt. Waarom is “Dubstep Allstars: Vol.09” dan zo de moeite waard zul je je afvragen? Het antwoord daarop is simpel en snel verklaard. Tijdens de mix wordt geen moment verslapt en schakelt het tweetal veelvuldig tussen sfeerrijke, rauwe en scherpe invloeden – met een keur aan klankkleuren. Dit doen de samenstellers/mixers alsof het ze geen enkele moeite kost. Dat is wat je noemt vakmanschap! Het mixwerk gedurende sessie is aardig tot goed te noemen, maar daarmee verdient het duo niet de punten. Ga “Dubstep Allstars: Vol.09” vooral beluisteren om de diversiteit en torenhoge gemiddelde kwaliteit. Eén ding is zeker: Tempa doet er goed aan om deze mixserie te continueren. Puntgaaf werkje!

 

Score: 4/5

 

Hybrid: “Classics” (Distinctive Records)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Hybrid geldt als één van belangrijkste pijlers binnen de zogeheten progressive breaks nuance. Een nuance op de progressive, trance en epic house vanuit eind jaren ‘90. De band kwam, geheel terecht, in één klap volop in de schijnwerpers te staan. Waarom? Na het stormachtige succes rondom debuutalbum “Wide Angle” uit 1999 is de (tegenwoordig) driekoppige formatie uitgegroeid tot een breed gerespecteerde naam binnen de mondiale scene voor elektronische muziek. Eind 1999 waren ze zelfs te zien/horen op ID&T’s beroemde Innercity evenement in de Rai te Amsterdam. Naast oprichter Mike Truman bestaat het gezelschap tegenwoordig uit vaste waarde Chris Healings en zangeres Charlotte James, wie geldt als het nieuwste bandlid. Na vier studioalbums vond het Distinctive label de tijd rijp voor een showcase van Hybrid’s prestaties door de jaren heen. Een verantwoorde zet, zo blijkt na beluistering van deze schijf/release. “Finished Symphony”, de openingstrack van deze “Classics” bundel is wellicht de meest bekende Hybrid productie uit hun loopbaan. Deze melancholische progressive breakbeat track valt te typeren als een meeslepend spektakelstuk dat ontroerd. De prachtige strijkers passen perfect in een filmische, ietwat droevige setting. Het maakt deze geprezen productie uniek en het is niet vreemd dat deze track lachend meeliftte op de bloeiende progressive- en trancescene aan het einde van de jaren 90. Een symfonisch hoogstandje van formaat. De toon is gezet en Hybrid’s scherp afgemeten en unieke mix van invloeden is bepaald. Een mix waarbij dus een prominente rol is voor moderne klassieke muziek – met name gedurende hun eerste jaren als formatie/band. Ook de overige producties op deze “Classics” bundel zijn van ongekende schoonheid. Het is soms alsof de tijd even stil heeft gestaan, maar dat maakt in het geval van Hybrid’s muzikale output geen bal uit! Kwaliteit kent geen tijd. Verwacht muziek binnen de marges tussen artiesten als BT en Chicane, doelend op hun werk aan het einde van de jaren ’90 en begin jaren ’00. Daar kunnen we kort over zijn. De doorgewinterde Hybrid bewonderaar zal (vermoedelijk) de schouders ophalen en de tracklist, op de aardige cover voor Depeche Mode’s “Enjoy The Silence” na, als bekend veronderstellen. Echter, voor de luisteraar die niet of minder bekend is met het oeuvre van Hybrid is deze release een treffend schot in de roos. Houd je van verfijnde, productietechnisch hoogwaardige muziek binnen genoemde marges en met een vleug pop in de latere jaren, dan is dit een release die je echt eens moet opzoeken. Een fraaie tour langs enkele van Hybrid’s essentiële producties. Deze release zal overigens ook gelimiteerd uitkomen als 4-CD box, waarbinnen iedere disk een thema meekrijgt: de Classics disk (zoals hier besproken), aangevuld met Instrumentals + Remixes, Orchestral en Cinematic Soundscape. Tot slot, jammer dat ze de aanstekelijke track “Can You Hear Me” van het laatste studioalbum “Disappear Here” (uit 2010) niet hebben meegenomen in de tracklist. Het mag de pret niet drukken. Kenners weten wat ze kunnen verwachten. Mocht je ook nog geïnteresseerd zijn in meer recent werk van de formatie/band, dan willen we verwijzen naar de fijne Discogs website. Daarop valt onder andere te lezen dat de formatie/band zich bezig houdt met het fabriceren van soundtrackmuziek, bijvoorbeeld gekoppeld aan de game “Ghost Recon: Future Soldier” van softwarehuis Ubisoft.

 

Score: 4/5

 

Justin Berkovi: “Mondrian” (Trapez)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Na jaren van relatieve stilte is technoveteraan Justin Berkovi terug met een fabuleus nieuw werkstuk met de naam “Mondrian”, dat via het Trapez label (onderdeel van Traum Schallplatten) verschijnt. Relatieve stilte? In de afgelopen jaren bracht Justin Berkovi slechts enkele singles uit. Dat is wel eens anders geweest als we zijn uigebreide discografie ernaast leggen. Sterker nog, “Mondrian” blijkt Berkovi’s eerste album in liefst acht jaar tijd. Wat dat betreft was “Passion” (in het najaar van 2004 op Music Man uitgebracht) zijn laatste wapenfeit. Een album met energieke technobommen als “Electricity” en “I Can Feel The Sound”. Tracks die qua BPM’s en power een heel andere lading dekken als de Justin Berkovi anno 2012. Dat was een andere periode. Berkovi is hoorbaar meegegaan met zijn tijd en heeft wat snelheid (in BPM’s) en power betreft ingeleverd. Subtiliteit is nu het sleutelwoord. Justin Berkovi is zijn gevoel voor het vervaardigen van kwaliteitsmateriaal bepaald niet verloren, zo blijkt op dit nieuwe album. De dertien tracks op “Mondrian” zijn warm van klank en zorgvuldig opgebouwd. Muziek die qua toonsetting ook prima past bij de naderende herfstperiode. Na de kortstondige, beatloze intro “Godspeed”, dat bol staat van de warme synthesizerwolken, volgt de titeltrack “Mondrian”. Een track met een mooi gelaagd geluid. Noem het progressieve techno. “Nadir” is een ingetogen ‘moody’ experiment dat me qua sfeer sterk doet denken aan Chicane’s prachtige geluidscollages op zijn debuutalbum “Far From The Maddening Crowds” uit 1997. Denk aan de intro van diens “Lost You Somewhere” ter vergelijk. Met “City Lights” toont Berkovi zich een bekwame fabrikant van cinematische soundtrack muziek op basis van donkere ambient klanken. Spectaculair mooi. Naast de warmere, doch serieus klinkende producties heeft Justin Berkovi ook wat dieper materiaal vervaardigt voor dit album – dansvloer rijp. Voorbeelden daarvan zijn bijvoorbeeld het met dub overladen “Mainline Tension” en het spannende “Voices”. “Days Go By” zorgt echter weer voor een meer gejaagde, sci-fi alike sfeer met aangrijpende computerstrijker akkoorden. Een sublieme track van tegen de negen minuten speelduur! Dit album toont aan dat Justin Berkovi nog altijd een fantastische technoproducer is, waarbij hij regelmatig knipoogt naar Detroit. Hij heeft zijn groei en uitgebreide ervaring als producer optimaal gebruikt voor de vervaardiging van “Mondrian”, zo luidt mijn conclusie na beluistering van het album. Tussen de dertien bijdragen op “Mondrian” bevinden zich enkel winnaars en wordt er eigenlijk geen moment verslapt. Dat is lovenswaardig en getuigt van klasse. “Mondrian” gaat de boeken in als puntgaaf techno album met veel aandacht voor warmte en sfeer. Release: 24 september 2012.

 

Score: 4/5

 

Jori Hulkkonen as Third Culture: “Negative Time” (My Favorite Robot Records)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Eind september jl. verscheen Jori Hulkkonen’s eerste langspeler onder zijn Third Culture alias. “Negative Time” betekent Hulkonnen's dertiende full length album (overall) en zijn eerste voor My Favorite Robot. De Fin kan inmiddels putten uit een indrukwekkende catalogus met onder andere album releases voor invloedrijke labels als F Communications en Turbo Recordings. Sommige daarvan dragen het stempel ‘classic’ en dat is meer dan terecht. Vooral zijn werk voor Laurent Garnier’s F Communications label staat bij menig technoliefhebber in het vaste geheugen gegrift. Ook zijn hit “Sunglasses At Night” uit 2001 (samen met Tiga onder de noemer Tiga & Zyntherius) mag als befaamd verondersteld worden. Hulkkonen kennen we al jaren als producer van smaakvolle elektronische muziek. Hij beweegt zich doorgaans soepel tussen techno (primair), electro en deep-house. Muziek die vrijwel altijd aanvoelt als een warm bad. Dat is op “Negative Time” niet veranderd. Het album is nog maar drie tracks onderweg of we zitten al op het puntje van de stoel. “Liquid Hologram” gaat de boeken in als mix van sci-fi getinte techno vs. electro met een vocaal (retro) poppy randje (ingevuld door Jori Hulkkonen zelf). De magische sfeerpads die na twee minuten opduiken zijn ronduit sensationeel en ontroerend mooi. Alleen deze track rechtvaardigt al de aanschaf van het album. Uiteraard laat Hulkkonen zijn album niet draaien om één specifieke track, maar weet hij de aandacht de volledige speelduur van het album op zich gericht. Hulkkonen bezit de gave om keer op keer meeslepende tracks te vervaardigen. Tracks die doordacht in elkaar gesleuteld zijn en soms een opvallende poppy toplaag bevatten (noem het electro-pop). De Fin biedt zijn luisteraars zelfs een Balearisch disco/boogie moment op “Negative Time”, “IO” genaamd. Vocale bijdragen op dit album komen van Harri Falck, Olga Kouklaki en Hulkkonen himself (als JiiHoo). Zij scoren allemaal een voldoende, maar persoonlijk ben ik vooral onder de indruk van de instrumentale basis van Hulkkonen’s producties. “Negative Time” zal voorlopig nog wel in de CD speler/op de digitale afspeellijst van uw recensent vertoeven, want dat verdient het album. Liefhebbers van Jori Hulkkonen’s eerdere werk zullen niet teleurgesteld worden en met dit nieuwe werkstuk gaat hij zonder twijfel een nieuwe groep geïnteresseerden voor zich winnen.

 

Score: 4/5

 

Markus Schulz: “Scream” (Armada Music)  

Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Het nieuwe artiestenalbum van Markus Schulz heeft de werknaam “Scream” meegekregen. Het album volgt op het uit 2010 stammende “Do You Dream?”. In de tussentijd bracht de Duitser – al jaren hooggeklasseerd op de lijst van ’s werelds populairste DJ’s volgens de befaamde DJ Mag verkiezing – ook nog een album onder zijn Dakota alias uit. Een alias die, als goed geïnformeerd zijn, primair voor zijn instrumentale werk ingezet wordt. Markus Schulz pakt op zijn nieuwste album flink uit. Vooral ook vocaal gezien. Helaas in een negatieve zin, want het niveau van een aantal vocalisten is ronduit stuitend. Sommige van tenenkrommend niveau durven we wel te stellen. “Scream” heeft negentien veelal kortere tracks te bieden. Op de tracklist staat onder andere de met Ferry Corsten gecreëerde rework voor Jens’ befaamde (euro)rave klassieker “Loops & Tings”. Een prima track, maar eigenlijk een rework van een rework. Eind jaren 90 maakten de mannen van Rank 1 (toen nog onder de noemer Bervoets & De Goeij) immers al een remix voor de track in kwestie. Niet bepaald een blijk van inspiratie. Tussen de negentien tracks op “Scream” hebben we goed moeten zoeken naar de echt overtuigende tracks. Da’s toch wel een vreemde gedachte bij een DJ/producer met dit profiel. Maargoed, Markus Schulz komt op “Scream” over als een producer die hopeloos uit vorm is. Een groot gedeelte van de tracks op dit album klinkt nietszeggend en vallen te categoriseren onder de noemer ‘eenheidsworst’. Beste tracks op het album: de gevoelige bijdragen “Nothing Without Me” (met Ana Diaz) en “Tempted” (met Sarah Howells), dat wat wegheeft van de oude Deadmau5 sound. Voor de rest is “Scream” een degelijke, maar weinig enerverende langspeler. Een album dat je niet verwacht van deze doorgewinterde trancegrootheid.

 

Score: 3/5

 

Kylie Auldist: “Still Life” (Tru Thoughts)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

De Australische soul/funk vocaliste Kylie Auldist, ook bekend als ‘front-woman’ binnen de band The Bamboos, is toe aan soloalbum nummer drie. “Still Life” is de opvolger van het uit 2009 stammende “Made Of Stone” en biedt eerlijke muziek die recht uit het hart komt. Auldist bezingt allerlei persoonlijke verhalen en gevoelens op haar nieuwste werkstuk. Een album dat alleen al om het instrumentale gedeelte meer dan geslaagd is. Naast de verwachte 70’s funk en soul invloeden horen we ook een portie disco/boogie verweven in de ‘classy’ muziekcocktail. Er is zelfs aandacht voor een dub/reggaelaag over de soul-funk sound, getuige het swingende “Howlin’ For You”. Lanu (Lance Ferguson), de bandleider van The Bamboos, is andermaal betrokken bij de productie van het album en zijn stijl/aanpak is herkenbaar uit duizenden. De toon van “Still Life” gaat min of meer door waar The Bamboos’ recente langspeler “Medicine Man” ophield. De tien bijdragen op “Still Life” zijn zonder uitzondering dik in orde. De ‘double A-side digital single’ “Counting On You” / “Changes” zal voorafgaande aan dit album op 17 september in de digitale winkelschappen liggen. Met name “Counting On You” is één van de voornaamste hoogtepunten van dit nieuwe album. Een pakkend en opgewekt liedje dat gedragen wordt door soepel rollende drumbeats. Ook “Daydream” en het afsluitende “All In You” gelden als persoonlijke favorieten. Allemaal tracks dit zoals gezegd dicht aanschurken tegen de sound van The Bamboos. Voor Kylie Auldist betekent “Still Life” de bekroning op het uiterst succesvolle jaar 2012. Eerder dit jaar was ze immers betrokken bij het spectaculair sterke vijfde album van The Bamboos waarop ze schitterende naast gekende vocalisten als Aloe Blacc en Daniel Merriweather. “Still Life” is overigens niet zo sterk als het genoemde “Medicine Man” album van The Bamboos, maar mag zeker in de schaduw daarvan staan. Niets mis mee. Dit album verschijnt op 15 oktober 2012.

 

Score: 3/5

 

Benjamin Herman: “Deal” (Dox Records/ Roach Records)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Dat Saxofonist Benjamin Herman een grote meneer is binnen de Nederlandse (contemporary) jazzscene, mag als bekend verondersteld worden. Hij is de aanjager van het geprezen New Cool Collective en bracht als soloartiest reeds een berg aan albums uit. Benjamin Herman staat voor moderne en hippe jazz, maar weet op ieder album te verrassen met subtiliteit en een onstuitbare honger naar vernieuwing. “Deal”, een album dat geldt als soundtrack voor de gelijknamige film, volgt op het medio 2010 verschenen “Blue Sky Blond” met onder andere de kraker “Airhead” op het menu – een smaakvolle jazzhop track vol muzikaliteit. Op “Deal” omringt Benjamin Herman zich met een aantal meer dan uitstekende (sessie) muzikanten en The City Of Prague Philharmonic Orchestra. Niet bepaald half werk dus. Aan vakmanschap is dus op voorhand geen enkel tekort op “Deal”. Het album gaat de boeken in als avontuurlijk, filmisch (hoe verrassend) en spectaculair goed. Bij tracks als het korte “Give Me A Figure” en het prettig rollende “He’ll Never Get Her (Any Other Way)” blijf je gefascineerd luisteren. Dit is filmische jazzmuziek met sfeer en stijl die je omarmt als een warme deken. “Deal” is de zoveelste topprestatie van Benjamin Herman (met aanhang in dit geval) uit zijn carrière. Met de aanschaf van dit album maak je een prima deal, zoveel is duidelijk.

 

Score: 4/5

 

DFRNT: “Fading” (Echodub)

 Bron: CD

Rubriek: 10/2012  

Het lijkt wel een trend, zo’n producer alias met louter medeklinkers in kapitalen. SBTRKT is zo’n voorbeeld, maar ook deze DFRNT (alias van Alex Cowles) doet hieraan mee. “Fading” blijkt zijn tweede album en de opvolger van het uit 2009 stammende “Metafiction”. Op “Fading” draait het om stijlvol geproduceerde muziek met een hoofdrol voor warme, galmende synthesizerpartijen. Met dit gereedschap creëert DFRNT prachtige en vooral meeslepende sfeercollages. Opener “Silent Witness” geldt wat dat betreft als belangrijke getuige. DFRNT pendelt op “Fading” soepel tussen stijlen als deep-house, UK bass/dubstep, dub-techno en ambient. Sterker nog, hij vermengt al deze smakelijke kruiden van tijd tot tijd met elkaar. Het resultaat betekent niet zozeer een geheel eigen of vernieuwend geluid, maar vooral een geluid dat diep en tamelijk breed gaat. Diep wat betreft de productietechnische uitwerking, breed in de zin van de kruisbestuiving tussen genoemde stijlen. Zorgvuldig weet DFRNT dubby soundscapes en plots opduikende vocalen te strooien over 4/4 beats, die aanvoelen alsof ze ieder moment kunnen transformeren in gebroken dubstep beats. Iets dat in sommige gevallen ook daadwerkelijk in actie wordt omgezet. Van alles wat, voor ieder wat wils. Verwacht bij beluistering van “Fading” geen krachtige, maar vooral subtiele tracks die ook waanzinnig klinken op je home audio. DFRNT weet zijn luisteraars met zijn eerder genoemde warme synthesizerlagen en sfeerpads volledig voor zich te winnen. Het lijkt wat dat betreft soms alsof DFRNT in de leer is geweest bij intelligent drum & bass held LTJ Bukem. “Deep Into It” is een mooi voorbeeld van DFRNT’s overtuigende crossover skills. Simpele, doch fijne synthesizerakkoorden weten een broeierig sfeertje op te wekken. Een soort zomerse deep-house vs. dubstep mood waar je als luisteraar graag op wegdroomt. Na beluistering van het album overheerst het gevoel dat je naar een uiterst gevarieerde langspeler hebt geluisterd. Ook qua tempo is aan diversiteit gedacht. “Fading”, dat verschijnt via DFRNT’s eigen Echodub label, zal daarom bij een breed publiek enthousiasme gaan wekken, zo is mijn inschatting. Different? Nee, dat niet. Wel een mooie en doordachte samensmelting van fraaie elementen uit diverse elektronische muziekstijlen en/of niches.

 

Score: 4/5

 

Qbical: “The Night” (Manual Music)

 Bron: CD/Digital

Rubriek: 10/2012  

Qbical is de werknaam van Raymond van Baal. “The Night” is zijn tweede full length album. De opvolger van het uit 2008 stammende “Life Is Just A Bunch Of Pixels” – een digital only release overigens. Op dat album overtuigde hij (destijds) de house- en techno/minimal scene van zijn uitstekende kwaliteiten als producer. Ook “The Night” verschijnt op Paul Hazendonk’s Manual Music. Een label dat de afgelopen jaren al een aantal plezierige albums in de schappen bracht. Denk aan de fijne langspelers door onder andere Examine en Eelke Kleijn. In de internationale persbijlage vertelt Qbical over zijn nieuwste trots: "I've been thinking a long time what my second album would be like. I wanted to merge all the sounds I am into at the moment, mixing disco, indie pop and all out electronica weirdness with my regular sound. This mix of influences shines thru in both the composition and arrangement as the technical use of analog hardware and typical "band-recording" techniques like re-amping sounds and using real drums. There is something for everyone on this album, each track holds its own while your into house, disco, techno or just want to chill out. It's been a pleasure to produce and mix this album. The result are these 10 tracks that I'm really proud to release to you all!" “The Night” is absoluut geen plaat vol vage experimenten, maar is juist prettig toegankelijk. Qbical vindt binnen zijn producties een mooie mengvorm van opgewekte thema’s in combinatie met prima beats. Naast de diverse dansvloermomenten brengt Qbical ook een typisch rustmoment – refererend aan het op downtempo gebaseerde “4U”. Geen track die echt opvalt, maar een track die een prettige tussenhalte blijkt gedurende de beluistering van het tiental. Toch zijn het vooral die toegankelijke 4/4 beats die je als luisteraar weten te grijpen. “On My Way” is een erg fraaie track waarop Qbical een soort huwelijk tussen (stuwende) progressive house en tech-house sluit. Op “On My Way”, dat bol staat van de zomerse piano- en synthesizerklanken, toont Qbical wat mij betreft zijn allerbeste vorm. Direct daarna volgt het op elektronica gebaseerde “Tict”, dat zo mee had gekund op de laatste twee albums van John Tejada voor Kompakt. “YtoX” is nog zo’n mengvorm van house/techno met elektronica. Eén van de absolute uitblinkers op dit album. Op “Rise” vermengt Qbical een typische Moroder-alike bassline met onrustig wiebelende synthesizer sweeps en sci-fi achtige computerstrings. Andermaal een track met prettig stuwende ritmiek. Een regelmatig terugkerend facet binnen Qbical’s producties, zo blijkt. Na beluistering van het tiental op “The Night” kunnen we concluderen dat Qbical een prima vervolg op zijn debuut heeft gefabriceerd. Eerlijk is eerlijk, “The Night” is in de breedte geen album dat zich kan meten met de selecte elite/voorhoede van de scene, maar toch zeker de moeite waard is. Het album heeft een aantal uitstekende, solide en vooral opgewekte tracks te bieden die niet snel zullen gaan vervelen.

 

Score: 4/5

 

Archief CD-recensies